Donkere lucht,
een enkel sterrenlicht,
geen enkele vogel op de vlucht,
geen lantaarn die schijnt in mijn gezicht,
lig ik in bed,
starend naar het plafond,
de wekker afgezet,
denkend hoe de dag begon,
duizend en één gedachten,
en kou die mij misplaatst streelt,
aan het eind van mijn krachten,
ik mis het kleurige beeld,
dus het wordt tijd dat ik mijn ogen zal sluiten,
hopelijk fijn zal dromen,
het is guur en fris buiten,
zal wel zien hoe de morgen straks gaat komen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten